Tijdens deze week ervaren veel deelnemers de reis
als een filmisch avontuur.
In het begin is de toon rauw.
De wind, het land, de ruimte —
alles is onverbiddelijk aanwezig.
Er is weinig om je aan vast te houden.
De eerste dagen vragen aanpassing, luisteren.
Je plaats innemen zonder te sturen.
Langzaam verschuift de waarneming.
Wat eerst hard en ongenaakbaar leek,
blijkt dragend.
De dagen openen iets anders.
Er ontstaat ritme. Samenhang.
Een stille ordening die niet bedacht is.
Onder het rauwe verschijnt zachtheid.
Onder de stilte verfijning.
Alsof iets sprankelends,
dat hier lang verborgen is geweest,
zich voorzichtig laat zien.
Muziek, verhalen, geur, eten, beweging,
het samen zijn en het alleen zijn
vallen steeds natuurlijker samen
tot één doorlopende ervaring.
De film wordt lichter,
zonder haar diepte te verliezen.
Eenvoudig, helder, Aanwezig.
Wat deze week laat zien,
is geen tijdelijk beeld.
Het is een herinnering
die bedoeld is om mee terug te nemen.
Zodat wat hier zichtbaar werd,
zijn plaats kan vinden in het dagelijks leven —
niet als iets bijzonders,
maar als iets wat altijd al aanwezig was.